De feesten

Feesten spelen een belangrijke rol in de jaarcyclus. We zetten de belangrijkste hieronder dan ook op een rijtje.

Oogstfeest

Het Michaëlsfeest of Oogstdankfeest wordt rond 21 september gevierd. Het is een tijd waarin het leven in de natuur zich terugtrekt. In de zomer kon de mens kracht putten uit die natuur, nu begint het zich naar binnen te keren. Op zijn bezinningsweg wordt de mens geconfronteerd met de draak die overwonnen moet worden.

Een bijzondere dag voor de kleuters, een appelvrouwtje poetst de appeltjes, we kneden broodjes, we wandelen naar het bos. In het bos wordt van alles gevonden en ontdekt. De mandjes die we mee hebben komen vol herfstschatten op school. We kijken naar paddestoelen en zien kabouters. En het appelvrouwtje... Is zij in het bos?

Sint Maarten

Sint-Maartensfeest is een feest van lichtjes en vormt daarmee het eerste "lichtfeest" in een reeks feesten, als voorbereiding op het kerstfeest. Het wordt rond 11 november gevierd. Het feest van Sint Maarten is het volgende herfstfeest na dat van de aartsengel Michaël. 11 november geldt als feestdag van Sint-Maarten, de ridder die de helft van zijn warme mantel aan een arme bedelaar gaf.

Het Sint-Maartensfeest is een feest van offerbereidheid, van goedheid en deemoed. De mens wordt in zijn hartekrachten aangesproken. Als beeld daarvan trekken de kinderen met hun lantarentjes zingend langs de huizen om "een aalmoes" te vragen. Tegelijkertijd is het Sint-Maartensfeest een feest van lichtjes en vormt daarmee het eerste lichtfeest in een reeks feesten, als voorbereiding op het kerstfeest.

Lang geleden was de feestdag van Sint-Maarten het begin van een nieuwjaar op heiland. Op die dag De heilige Maarten werd in het jaar 316 in het huidige Hongarije geboren. Hij werd opgevoed in de Italiaanse stad Pavia. Hoewel zijn ouders heidenen waren, liep de twaalfjarige Maarten van huis weg om zich te laten onderwijzen in de christelijke leer. In die tijd was het de gewoonte dat de zonen uit adellijke riddergeslachten de dienst aan het hof van hun vader overnamen. Daarom werd Maarten op zijn vijftiende jaar, op bevel van de keizer tot ridder geslagen. Enkele jaren later liet hij zich dopen om ten slotte van zijn ridderplichten ontheven te worden om zich geheel aan het christelijke geloof te wijden. Hij onderwees de mensen in het christelijk geloof door hen tot voorbeeld te zijn. Tenslotte werd hij in 371 tegen zijn wil tot bisschop van Tours gekozen.

Sint-Nicolaas

Het feest dat de gevoelens van dankbaarheid oproept voor alles wat de natuur en het leven schenkt wordt in de school rond 6 december gevierd.

Kerstmis

Het feest van de geboorte van het Christuskind wordt in de school gevierd rond 15 december.Kerstmis is het feest van de liefde. De liefde, waaraan de dag van de geboorte van het Kerstkind ons wil herinneren, moeten de mensen in zichzelf wakker roepen.

Maria Lichtmis

Het feest van Maria Lichtmis wordt begin februari gevierd. Het is een feest van het steeds sterker wordende daglicht. Een oud volksgezegde luidt: "Het wordt lichter; na Kerstmis wordt het daglicht een hanensprong lichter, na Nieuwjaar een hertensprong, en met Maria Lichtmis een heel uur". Vroeger werkten handwerkslieden na de tweede februari alleen nog maar bij daglicht. Ze hielden rekening met het gezegde "Maria blaast het lichtje uit en Michael steekt het lichtje weer aan."

Het feest van Maria Lichtmis werd oorspronkelijk gevierd ter herinnering aan het reinigingsoffer dat Maria in de tempel opdroeg, veertig dagen na de geboorte van Jezus. In latere tijd werd het de dag waarop men de kaarsen, die een tamilie gedurende een heel jaar nodig had, liet wijden.

Na het kerstfeest heeft men altijd kleine stompjes kaars over. Bewaar ze goed, want ze kunnen nu van pas komen. Neem halve walnootdoppen en maak daarin de stompjes kaars vast met een paar druppels kaarsvet of met wat bijenwas. Laat de notendopjes drijven in een school met water en steek de kaarsjes aan. Op deze wijze kan men de vele lichtfeesten van de afgelopen herfst en winter afsluiten.

Sint Jan

Sint Jan is het laatste feest van het schooljaar. Het is een blij feest, met bloemenkransen, zang en dans, met een Sint-Jansvuur en vrolijkheid. Om ons heen zien we de natuur zo uitbundig en rijk als in geen ander jaargetijde. Alle bladeren hebben zich vol ontplooid, bloemknoppen springen open, de eerste vruchten gaan komen. In het groene gras zien we een verscheidenheid aan pollen, aren en pluimen, die met een gouden waas het groen versluieren. Insecten zingen in de blauwe hemel, vogels fluiten dat het een lieve lust is. De natuur biedt ons een geweldige overvloed. Ook wij voelen ons meegenomen in deze bonte, warme wereld. Wij willen naar buiten, de vakantie lokt.
Dan nadert de Midzomernacht, de nacht van 23 op 24 juni. De zon staat hoog aan de hemel en bereidt zich voor op de terugtocht. Nog één korte, lichte nacht en het keerpunt is gekomen. We lijken zorgeloos te zijn en genieten van zon en buitenlucht.